Thierry Baudet - door Jasmijn Groot

De wondere wereld van Thierry Baudet

Tekst en afbeelding: Jasmijn Groot

Verontwaardiging over een essay van Forum voor Democratie-leider en -oprichter Thierry Baudet afgelopen mei. De politicus zou zich namelijk negatief hebben uitgelaten over vrouwen in het algemeen en over vrouwenemancipatie in het bijzonder. Nadat verschillende feministische schrijfsters en links georiënteerde politici gereageerd hadden op Baudets conservatieve uitlatingen, riep de FvD-man het publiek op om het stuk te lezen en zelf een oordeel te vormen.

Challenge accepted, Mr. Baudet.

Laten we meteen even voorop stellen: het betreffende essay, getiteld Houellebecq’s unfinished critique of liberal modernity, draait in de kern geheel niet om het vrouwenemancipatievraagstuk of om de Nederlandse feminismebeweging. In het stuk behandelt Thierry Baudet (nadruk op de “y”, stille “t”: Thierrý Baudè dus) het oeuvre van de Franse auteur en poëet Michel Houellebecq ter gelegenheid van het verschijnen van diens meest recente boek Sérotonine. Dat gaat over een man, die zich schoolt tot boer en het schopt tot een carrière bij het Ministerie van Landbouw, om er uiteindelijk vandoor te gaan en ongelukkig te eindigen als zijn vrouw een affaire begint. Gedurende zijn carrière is hij ook nog eens getuige van de teloorgang van het plattelandsleven door boze krachten als vrije handel en oneerlijke competitie uit de derde wereld.

Baudet stelt dat de verhaallijn van het hoofdpersonage in Sérotonine typerend is voor het gehele oeuvre van Houellebecq. De auteur ontwikkelt keer op keer personages die hun dromen uiteen zien spatten binnen de realiteit van de moderne wereld. Het grote probleem van die wereld? Het individualisme. Door het eindeloze streven naar deze holle manier van zijn in de Westerse wereld, wat gelijk is gaan staan aan gelukkig worden, heeft juist het tegenovergestelde effect. Door het individualisme verbleken de oude sociale banden die de maatschappij zo sterk maakten – niet alleen onderling, maar ook die met de pastoor, de meester en de lokale gezagvoerders. Daardoor zijn we eenzaam geworden, geïsoleerd en vragen we ons continue af wat het nut is van het leven, terwijl we ons hebben laten meevoeren door het consumentisme en het internet. Ik ben allerminst een aanhanger van Baudets politiek, dus ik was verbaasd dat ik tot hier nog wel enige overeenkomsten in onze denkbeelden kon bespeuren.

Maar dan!

Baudet neemt dan de ruimte voor wat reflectie. Niet alleen voelt Baudet zich heel erg verwant aan het denkbeeld van Houellebecq, hij vindt ook dat diens visie de tegenwoordige staat van het politieke “Links” en “Rechts” aan de kaak stelt. “Links” heeft individuele autonomie namelijk, in tegenstelling tot “Rechts”, heel hoog in het vaandel staan en zij streeft naar nog meer van dit heilzame goedje voor iedereen. Bovendien is zij de politieke beweging die onfeilbare mensenrechten, waar alles voor onder zou moeten doen, wil bewerkstelligen voor ieder individu.

Twee van die rechten zijn volgens Baudet het recht op abortus en het recht op euthanasie; de eerste procedure omschrijft hij als het afbreken van leven in de baarmoeder om de individualiteit van de moeder te waarborgen, de tweede als het afbreken van leven wanneer de zorg voor zieken en ouderen te zwaar weegt op de schouders van hun zorgnemers.

De heer Baudet is vrij om persoonlijke tegenstand tegen abortus en euthanasie te uiten. Hij moet het echter ook accepteren dat er in deze door hem zo geliefde democratie ruimte is om hem op onjuistheden te wijzen. Onderzoeker Linda Duist stelde heel terecht dat Baudet geen enkel zicht heeft op de problematiek rond abortus. Uit onderzoek blijkt namelijk dat sociale normen, cultuur en religie veel meer invloed hebben op de beslissing om een abortus te plegen dan een streven naar individualisme. Bovendien zou Baudet moeten weten – want hij heeft een PhD in rechten – dat een rekwest voor euthanasie wettelijk gezien moet komen van de patiënt zelf en is bedoeld om diens fysieke lijden te beëindigen – en dus niet de last van de zorgnemers.

De crisis van het doorgeslagen individualisme zoals Houellebecq omschrijft, wordt volgens Baudet echter overal beaamt. Als voorbeeld kaart hij dan zelf de emancipatie van vrouwen aan en de feministische ideologie die daaraan ten grondslag ligt. Vrouwen worden volgens Baudet steeds vaker aangemoedigd om te werken, financieel onafhankelijk te worden en geen ondersteunende rol te accepteren in hun relaties met hun partners, maar een gelijke. Maar wat als ze hun dertigste levensjaar bereiken en kinderen willen krijgen? Dat wordt moeilijk, volgens Baudet.

Naar mijn mening is emancipatie en het feminisme erop uit om vrouwen de vrijheid te geven om hun levens zelf in te delen- en dus ook om zelf uit te zoeken hoe ze een relatie, kinderen en een carrière combineren. Maar volgens Baudet worden er door emancipatie en feminisme minder kinderen geboren, neemt de demografie in Europa af, is er minder tijd te besteden aan romantische relaties en zorgt de gelijkheid tussen partners voor conflict, competitie en uiteindelijk scheiding, met beschadigde kinderen als gevolg. Concluderend stelt Baudet dan ook dat Houellebecq wederom in dezen gelijk heeft: vrijheid brengt geen geluk, de ketens die in het verleden zijn afgeworpen, zijn beter.

Al ver voor het verschijnen van dit essay is Baudet meerdere keren ondervraagd over seksistische opvattingen – zowel op persoonlijk als op politiek vlak: na het verdedigen van de notoire Zwitserse datingcoach Julien Blanc in De Wereld Draait Door, na het verschijnen van zijn eigen roman Voorwaardelijke liefde, en dus nu weer over zijn opmerkingen over abortus en emancipatie in dit essay voor American Affairs. Tot nu toe heeft hij altijd ontkend zich hier schuldig aan te hebben gemaakt.

Ook zijn laatste verdediging vormde hier geen uitzondering op. Baudet vond dat er een aantal zinnen uit zijn essay werden gehaald en verklaarde dat hij enkel de vragen die Houellebecq centraal stelt in zijn oeuvre wilde belichten.

Wat opvallend dan, dat het merendeel van zijn zelfverkozen voorbeelden waarmee hij de visies van een auteur wil testen, met wie hij zich zo verwant voelt, over vrouwen, emancipatie en feminisme gaan. Baudet maakt dan wel geen expliciete uitspraken over zijn intentie om de verworven rechten van vrouwen in te perken, maar hij maakt wel insinuaties dat dat in zijn ideale wereld wel zou moeten gebeuren. Bovendien heeft Baudet zich zowel in zijn tekst als in zijn optreden voor de camera verschuild achter de woorden van Houellebecq, achter zijn eloquentie, maar vooral achter zijn geloof in zijn eigen gelijk en overtuigingen. Het is waar dat veel van Baudets opvattingen heel erg filosofisch en theoretisch van aard zijn, veel meer dan die van andere politici. Maar wat zou een premier Thierry Baudet allemaal kunnen bewerkstelligen, als hij er dusdanig conservatieve denkbeelden over vrouwen op na houdt? En als hij een geheime agenda zou hebben? Het is geen wonder dat Nederlandse feministen vrezen voor wetgeving en politiek die vrouwen het kleine beetje macht dat ze in de afgelopen honderd jaar hebben gewonnen weer afneemt met een figuur als Baudet aan het roer.

De ideale politieke arena zou volgens Plato enkel moeten worden bemand door filosofen. Ik weet niet hoe Houellebecq daarover denkt, maar naar mijn mening is deze ene filosoof in de Tweede Kamer er al één te veel.


Meer lezen? In het najaarsnummer, dat in oktober 2019 verschijnt, schrijft Jasmijn over ditzelfde onderwerp.